©2009-2020 Vanekerblazers, designed by Jaap Hazewinkel
Vanekerblazers “het midwinterhoornblazen”



Een midwinterhoorn is een oud blaasinstrument dat heden ten dage nog wordt gebruikt in Twente en de Achterhoek en op sommige plaatsen in Duitsland vlak over de grens. Het lijkt het meest op een alpenhoorn. Het is een licht gebogen hoorn van berken- elzen- of wilgenhout, op ambachtelijke manier gemaakt met een mondstuk, de hap, van vlierhout of een andere houtsoort, waarop een monotone melodie wordt geblazen, soms boven een waterput. Men blaast meestal als het schemert. Het geluid draagt ver. Het is vooral in de schemering een stemmig geluid. In Twente en de Achterhoek wordt alleen geblazen tussen de eerste zondag van de Advent ("anbloazen") en Driekoningen
(6 januari, "afbloazen").

Hoewel de hoorn van hout is gemaakt, wordt hij gerekend tot de koperen blaasinstrumenten. De toon wordt gevormd door de spanning van de lippen. Er kunnen dan ook alleen natuurtonen worden voortgebracht.

Geschiedenis
Het gebruik heeft volgens de algemene opinie zijn oorsprong in de Germaanse joelfeesten, de feesten die zich afspeelden rond de midwinter-zonnewende (21 december). De voorloper van de midwinterhoorn, de ossenhoorn, werd rond die tijd geblazen om de God Odin of Wodan te helpen bij zijn jacht op de wolf Fenrir, die de zon verslindt waardoor het altijd donker zal zijn. Als Wodan er in slaagt de Fenrir te verjagen, dan zou het licht terug kunnen komen.

Zowel de ossenhoorn als de midwinterhoorn werden ook als communicatiemiddel gebruikt. Zo is Drenthe de boerhoorn bekend. Deze werd door de boerrichter, die aan het hoofd van de boerschop stond, gebruikt om de boeren bijeen te roepen. Van de midwinterhoorn is onder andere bekend dat hij in de grensstreek gebruikt werd om smokkelaars te waarschuwen voor de politie. Ook in de Tweede Wereldoorlog werd de midwinterhoorn gebruikt als communicatiemiddel om te waarschuwen als de Duitsers in aantocht waren.

Tegenwoordig
Zoals zovele tradities is het midwinterhoornblazen gekerstend. Nu speelt men om de geboorte van Jezus aan te kondigen.

In Twente en de Achterhoek worden tegenwoordig tussen de eerste zondag van de Advent en Driekoningen (6 januari) demonstraties midwinterhoornblazen gegeven en zijn er elk jaar speciale wandeltochten waar op diverse plaatsen blazers staan opgesteld. De blazers spelen om beurten, het is niet correct te blazen als een andere blazer speelt. De Vanekerblazers spelen in deze Adventstijd op vrijdag en zondag bij Kleinsman aan de Weerseloseweg 356 te Enschede

De uitdrukking in Twente voor het geluid is: n oaldn roop (=de oude roep).

Vervaardiging
Een midwinterhoorn wordt gemaakt van een berken- elzen- of wilgenstam die al van nature een bepaalde kromming heeft. Na het schillen van de bast wordt de stam in twee delen gezaagd en over de gehele lengte uitgehold. Als mondstuk wordt een klein stukje speciaal gesneden vlierhout of een andere houtsoort gebruikt, waarvan de kern makkelijk verwijderd kan worden. Het mondstuk, de hap, wordt schuin afgesneden, zodat er tegen de zijkant van de hoorn wordt geblazen. Ook komen er mondstukken voor die bijna recht zijn afgesneden en waar de lippen meer voor de hap zitten.
Er bestaan "droge" hoorns en "natte" hoorns.
Bij droge hoorns zijn de twee hoornhelften met houtlijm weer met elkaar verbonden. Bij natte hoorns legt men op de zaagsnede een mattenbies en worden de hoornhelften met hoepels van bies tegen elkaar gebonden. Om ze luchtdicht te krijgen worden deze hoorns daarna in een waterput gehangen, zodat door het opzwellen van bies en hout alle naden zich luchtdicht sluiten. Deze hoorn moet ook onder water bewaard worden. Dit is ook de reden dat er boven een put wordt geblazen.